Standpuntenmatrix Begroting: Vlaams Belang
In afwachting van de Vlaamse onafhankelijkheid spelen de budgettaire realisaties van de gemeenschappen en gewesten een belangrijke rol bij de globale begrotingsresultaten. Traditioneel bouwt Vlaanderen overschotten op, terwijl de andere entiteiten ondermaats presteren. Omwille van de federale loyaliteit hypothekeren de Vlamingen hun welvaart. Wallonië daarentegen heeft enkel oog voor de eigen prioriteiten.
Binnen de voorlopige Belgische context moeten de begrotingsinspanningen op een eerlijke manier verdeeld worden over het federale niveau, de deelgebieden en de lagere overheden. Dit betekent dat de gewesten naast de verantwoordelijkheid over hun uitgaven ook de volledige soevereiniteit over hun ontvangsten krijgen, in tegenstelling tot de huidige dotatiebegrotingen. Om de deelgebieden toe te laten zo optimaal mogelijk de begrotingsnormen te halen is een eigen begrotingsbeleid met volledige budgettaire bevoegdheden – inclusief fiscale – onontbeerlijk.
De begroting staat voor een dubbele uitdaging: het hoofd bieden aan de enorme lasten uit het verleden (staatsschuld) en van de toekomst (vergrijzing). Hoe langer gewacht wordt om hiervan werk te maken, hoe hoger de toekomstige inspanningen zullen moeten zijn. Een gezond begrotingsbeleid, gebaseerd op de opbouw van begrotingsoverschotten, is de beste garantie om de schuld op termijn structureel te verlagen. In slechtere conjuncturele omstandigheden kunnen de reserves ook tijdelijk worden aangewend om de economie te stimuleren. Het gebruik van eenmalige operaties moet zoveel mogelijk vermeden worden. Het effect van deze operaties is niet alleen tijdelijk. Het verlaagt daarenboven de reële schuldenlast niet, maar het verzwaart de toekomstige uitgaven.
Begrotingsbeleid in een onafhankelijk Vlaanderen
In het toekomstig onafhankelijk Vlaanderen moet de afbouw van de gedeeltelijk overgenomen historische Belgische schuld worden verder gezet. Enkel onder bepaalde voorwaarden kan nieuwe schuld worden gemaakt. Het moet gaan om productieve investeringen waarvan de toekomstige rendabiliteit gegarandeerd is of die van groot openbaar nut zijn voor Vlaanderen. Het onafhankelijk Vlaanderen zal niet langer opdraaien voor de Belgische begroting, de interregionale geldstromen zullen tot het verleden behoren terwijl Vlaanderen een eigen fiscaal en economisch beleid zal voeren. Hierdoor zal budgettaire ruimte vrijkomen die prioritair aangewend moet worden om een structureel begrotingsoverschot te verzekeren. Beheersing van de uitgaven en kosten van het overheidsapparaat moet de regering toelaten deze middelen te laten terugvloeien naar de Vlamingen en de toekomstige Vlaamse welvaart te vrijwaren door de opbouw van pensioenreserves.